Geen interesse

Voor mijn deur maken twee Leidenaars ruzie, of misschien ze begroeten elkaar. Hoe dan ook hebben ze de nodige biertjes op. Het is zaterdagmiddag vroeg. Terwijl ik de deur uit loop, voel ik dat mijn telefoon overgaat.

• • •

Motorman

Het is druk bij de Burger King. Voor me in de rij staat een man met een motorjack en een grijze baard. Hij begint tegen me te praten alsof we al weken samen on the road zijn.

• • •

Uit

De geïmiteerde perzikgeur op het toilet doet verlangen naar een goeie hoop verse stront. Er klinkt flauwe loungemuziek uit de boxjes op het plafond en naast de wasbakken staan enorme tropische planten. Maar goed, de pot is schoon.

• • •

Val dood!

Mannen met roeptoeters bevolken het fietspad langs de Vliet. Ze schreeuwen naar studenten in roeiboten, al mag je die dingen zo niet noemen, geloof ik. Skiffs dan maar.

• • •

Bakfiets

Door de Steenstraat fietst een hippige moeder zonder bakfiets. Het is zo’n dag waarop mensen zeggen dat het waterkoud is. Haar zoontje fietst twee meter achter haar met een grote witte envelop in zijn linkerhand. Met zijn andere hand houdt hij zijn glimmende Giant zo goed mogelijk binnen de lijntjes van de fietsstrook. De moeder kijkt om, zegt iets, en lijkt dan nog iets harder te gaan trappen.

• • •

Zondag

‘Als voetballer heb ik iets van zowel Van Basten als Litmanen, ‘ vertel ik een lokale sportverslaggever. ‘De enkel van de één en de knieën van de ander.’ De verslaggever, tevens teamgenoot in het negende, kan er wel om lachen. We staan onder de douche na een onnodige nederlaag.

• • •

Helemahl goed

Wanneer ik de gordijnen van de verlaten wachtkamer een stukje opendoe, begrijp ik waarom deze de hele dag dicht zijn. Een bouwput, een verroeste slagboom en een met lint afgezette parkeerplek. Een plek waar je Gerri Eickhof nog niet neer zou zetten.

• • •