Maandelijks archief: december 2014

Vrouwtje

Meneer één is iemand die houdt van spelers met zwarte voetbalschoenen, dat zie je meteen. Hij zegt dingen als ‘Met slechte mensen gaat het altijd goed’ en ‘Met ‘t vrouwtje ook?’ Op zijn shirt staan de drie x’en van Amsterdam, eroverheen draagt hij een rood-witte sjaal met aan het uiteinde een blauwe davidster. Meneer twee, die met nummer één in gesprek is, is neutraler gekleed. Roze overhemd, bruin leren jasje. Ook een voetballiefhebber, maar dan met een abonnement op Het Financieele Dagblad. Ze lachen hard. ‘Laat moeders de vrouw het maar niet horen,’ roept meneer één.

Vóór de mannen staat een vrouw te zuchten bij de kaartautomaat. Ze krijgt haar pinpas er niet uit. Ik schat haar halverwege de dertig: een vrouw die zachtjes praat en soms vergeet het brood voor haar dochter te smeren. De mannen wachten geduldig terwijl de procedure wordt afgebroken. Meneer twee vraagt of hij kan helpen, maar de vrouw hoort hem niet. Ze begint opnieuw en kijkt gejaagd op haar horloge.

Inmiddels is er een andere automaat vrijgekomen voor meneer twee, die in alle rust zijn ov-chipkaart aanbiedt. ‘Stop hem d’r maar in, hoor’ roept nummer één nadrukkelijk. Hij kijkt erbij of hij een geslaagde grap vertelt. De vrouw trekt zacht mopperend haar pas uit de automaat en houdt haar chipkaart er tegenaan. ‘Gelukt?’ vraagt meneer nummer twee. Ze kijkt bedenkelijk naar het scherm. ‘Ja. Dank u wel.’ Half rennend vertrekt ze richting de poortjes.

‘Daar zou ik wel een avondje ruzie voor over hebben,’ verklaart meneer nummer één, terwijl hij de vrouw nakijkt. Ze stapt de roltrap op naar spoor 8 en 9. ‘Skinny’ is nog zwak uitgedrukt voor haar donkere spijkerbroek. Meneer één laat zijn tong even uit zijn mond hangen en stompt nummer twee tegen de schouder. ‘En een weekje ook wel!’ Dan verdwijnen ze de Albert Heijn in, waar de grote blikken bier in de aanbieding zijn.

Gepubliceerd in: Leidsch Dagblad (05-12-2014)

Niets aan de hand

Mevrouw Meijers maakt zich zorgen. Haar gezicht heeft de kleur van een Duitse taxi en crèmes helpen niet. Haar man vraagt zich af waar ze zich druk om maakt. En waar zijn koffie blijft. Volgens hem is het niets. Ze drinken koffie aan de keukentafel, de boodschappentas staat al klaar.

Ze komt thuis met een volle tas en een ingelijste tekst. Sunshine and love: the best things in life are free. ‘Vind je het mooi?’ Meneer Meijers haalt zijn schouders op. ‘Waar moet ik hem ophangen?’ Ze heeft ook nog een haring voor hem meegenomen, met de uitjes apart.

‘s Avonds staat ze toch weer voor de spiegel, onder de vier houten hoofdletters van HOME. Zou het de lichtval zijn? Die vaalgele gloed bevalt haar niet. ‘Zie je niets bijzonders aan me, schat?’ Geen reactie. Hij kijkt tv. Spaans voetbal, zo te horen. De commentator praat over een of ander restaurant in Barcelona, er zal op het veld wel niet veel gebeuren.

‘Lieverd? Zie je echt niks raars?’ Even blijf het stil. ‘Nee, joh’, zegt hij, tegen Messi of zijn vrouw. ‘Je kijkt niet eens.’ ‘Ik kijk wel. En je ziet er uit als altijd.’ Hij schuift naar de punt van zijn stoel. De commentaarstem klinkt luider. Meneer Meijers vloekt. ‘Dat is toch verdomme geen pass geven!’ Hij smijt een pistachenootje naar het scherm.

‘Schat, vind je echt dat ik er goed uitzie?’ Weer antwoordt hij niet. Hij vindt vooral dat het een goal had moeten zijn. Misschien heeft haar man gelijk, misschien maakt ze zich zorgen om niks. Ze duikt er maar eens vroeg in. Wie weet voelt ze zich morgen prima. Ze kust haar man, die zijn ogen op de tv gericht houdt. Hij kijkt de wedstrijd nog even af. Zijn ploeg verliest in de laatste minuut, maar behoudt de koppositie. Zie je wel? Niets aan de hand.

_

Gepubliceerd in: Leidsch Dagblad (21-11-2014)